Sinds de Franse revolutie onderdrukt de Franse staat in naam van de vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid elke taal die niet het Frans is. Frankrijk is nochtans een lappendeken van volkeren en talen.

Onlangs stelde een Nederlandse taalwetenschapper dat onze standaardtaal door de eeuwen heen betrekkelijk weinig invloed van het Frans heeft ondergaan. Dat is deels te wijten aan het feit dat onze taalkundigen in de zestiende eeuw niet bepaald veel respect hadden voor het Frans. Volgens hen was het Frans een bastaardtaal, een soort van verhakkeld Latijn geschikt voor huis-, tuin- en keukengebruik. Het Frans houdt dan ook het midden tussen een Romaanse taal en een Germaanse taal. Hij is ontegensprekelijk van Latijnse afkomst maar is onder de Romaanse talen de meest Germaanse. Daar getuigt de Franse grammatica van die in vergelijking met de andere grote Romaanse talen het verst van het Latijn verwijderd is en heel wat aspecten van de Germaanse talen -- in concreto: het Frankisch -- heeft overgenomen. Volgens de Académie Française, dat Franse bastion ter verdediging van de zuiverheid van het Frans, is zowat twintig procent (één op vijf woorden dus) van de Franse woordenschat aan het Frankisch ontleend. Vandaar ook de naam voor de taal: Frans. Dat Frankisch was uiteraard de taal van de Franken. In onze streken was het een andere naam voor ... Oud Nederlands.

Die geschiedenis van het Frans in acht genomen, zou je dus kunnen verwachten dat de Académie Française ergens wel enige nederigheid aan de dag zou leggen ten opzichte van de andere historische talen op het Franse grondgebied. Maar dat is niet het geval.

Op 12 juni van dit jaar maakte de Académie Française zich behoorlijk kwaad. De leden zijn namelijk verbolgen over het feit dat het Franse parlement principieel beslist heeft dat de "regionale talen" ook tot het Franse erfgoed behoren. Om die erkenning officieel te bezegelen wilt het Franse parlement de grondwet aanpassen.

Vandaag staat in artikel 2 van de Franse grondwet: "La langue de la République est le français" (De taal van de republiek is het Frans). Artikel 1 van de grondwet beschrijft wat men moet verstaan onder "Frans zijn". Dat wordt als volgt verwoord: "La France est une République indivisible, laïque, démocratique et sociale" (De Franse republiek is ondeelbaar, wereldlijk, democratisch en sociaal). Het parlement heeft nu een wet gestemd om daaraan toe te voegen: "Les langues régionales appartiennent à son patrimoine" (De streektalen behoren tot haar erfgoed).

"Kan niet", vindt de Académie. Het Frans is al vijf eeuwen gebruikt om een Franse identiteit uit de grond te stampen en de erkenning van de historische streektalen van Frankrijk (Vlaams, Occitaans, Elzasser Duits, Baskisch, Catalaans, Picardisch, Bretoens, ...) zal die identiteit in gevaar brengen. "En", vragen de hooggeleerde heren en dames van de Académie zich af, "hoe zit dat dan met de gelijkheid als die Vlamingen en Basken en Catalanen plots geen Frans meer verstaan maar toch in het Frans berecht worden? Op dat moment zijn ze niet meer gelijk!".

Een pertinente vraag, als u het ons vraagt, en het antwoord is al even snel gegeven: door ervoor te zorgen dat Vlamingen, Basken, enzovoort bij alle officiële instanties terecht kunnen in hun eigen taal, natuurlijk. Dat is pas vrijheid. En gelijkheid. En broederlijkheid.

Lees meer ...

Lees meer ...