Op donderdag 26 juni voerde TAK, in samenwerking met de Vlaamse Volkbeweging Vlaams-Brabant, actie vóór en tijdens de gemeenteraad in Overijse. Deze gemeente heeft het de laatste weken zwaar moeten ontgelden. Een niet aflatende stroom van Franstalige verwijten -- de ene al gortiger dan de andere -- moest Overijse in een slecht daglicht stellen. De Franstaligen hoopten dat het gemeentebestuur, dat een actief Vlaams beleid voert, zo zou gedwongen worden om het taalmeldpunt op te doeken. De Franstalige kritiek draaide zich echter tegen ... de Franstaligen zelf.

Overijse beschikt sinds enkele maanden over een taalmeldpunt. Het initiatief is louter privé, maar de gemeente draagt het een warm hart toe en vermeldde het taalmeldpunt in het gemeentelijk blad. Het initiatief stelt zich tot doel om het straatbeeld Vlaams te houden en moedigt handelaars die tweetalige of eentalig Franse uithangborden gebruiken of reclame rondsturen aan om dat voortaan alleen in het Nederlands te doen.

De lokale Franstaligen geleid door Baron Del Marlmol van het Union Francophone (een FDF-clone) en de Franstalige verkozenen van CDoV - Blauw - Plus (een taalgemengde lijst met een zeer Vlaamsonvriendelijk karakter) zetten alle zeilen bij en voerden een haatcampagne in de Franstalige pers. Het taalmeldpunt werd afgedaan als een klikpunt dat, uiteraard, aan de WOII deed denken. Het was weer een bewijs van de Vlaamse bekrompenheid, Vlaamse ethnische zuiveringen, enz.

Op 26 juni zouden de Franstalige gemeenteraadsleden burgemeester Brancaer van Overijse en zijn schepen van Vlaams Beleid, De Wolf, interpelleren. TAK en de Vlaamse Volksbeweging Vlaams-Brabant sloegen de handen in elkaar om de Franstaligen van antwoord te dienen.

TAK fleurde het gemeentehuis van Overijse op met affiches waarop "Welkom in Vlaanderen" en "Welkom in onze Vlaamse gemeente" stond te lezen. TAK-militanten bevestigden ook tientallen zwart-gele gebedslintjes (Thibetaanse stijl) aan de talrijke vlaggenmasten rond het gemeentehuis.

De gemeenteraadszaal zat afgeladen vol met TAK/VVB militanten. Rudi Coel (secretaris van VVB Vlaams-Brabant en inwoner van Overijse) maakte er gebruik van het gemeentelijk spreekrecht in de gemeenteraad om de aantijgingen van de Franstalige raadsleden met de grond gelijk te maken.

Coel stelde de Franstalige huichelarij aan de kaak. De Franstaligen doen het taalmeldpunt van Overijse -- een privé-initiatief -- af als een fascistische onderneming maar gaan zo doodleuk voorbij aan het feit dat de Franse gemeenschap sinds 2003 bij het Office des Consommateurs Francophones twee juristen betaalt (met belastinggeld) om ... een Franstalig taalmeldpunt te bemannen. Daarenboven is dat taalmeldpunt gevestigd in La Maison de la Francité, dat ook door de Franse Gemeenschap wordt gesponsord. De voorzitter van het Maison de la Francité is een FDF-gemeenteraardslid in Etterbeek.

Rudi Coel merkte fijntjes op dat het OCF elke twee maanden een rubriek krijgt in het FDF-blad “Perspectives francophones”. Net als de gemeente Overijse schrijft het OCF vriendelijke brieven, o.a. naar een firma die in Henegouwen tweetalige publiciteit verspreidde, met de opmerking dat het publiek “recht heeft op een ééntalig Franse commerciële informatie.” Coel merkte voorts op dat Baron Del Marmol (UF-FDF Overijse) stelde dat “Elk initiatief dat aan de vrijheid van taalgebruik in handelszaken tornt, moet worden veroordeeld”. In het licht van het Franstalige taalmeldpunt, dat juist de vrijheid van taalgebruik in handelszaken bekampt, is die opmerking enigszins huichelachtig. Del Marmol had er niet op gerekend dat TAK en VVB weet zouden hebben van het Franstalige taalklachtenmeldpunt.

Het OCF gaat trouwens veel verder dan tweetalige reclame aanpakken. Het roept de Franstaligen in de rand op tot incivisme. “U moet Frans spreken aan het gemeenteloket van een Vlaamse gemeente zonder faciliteiten”, staat er letterlijk op de website (www.ocf-wb.be) “De bediende zal u antwoorden in het Nederlands. Uw verweer: Frans blijven spreken». Daarmee roept het OCF letterlijk op om de taalwet te overtreden, stelde Rudi Coel. Ook dat getuigt weer van huichelarij: het FDF en alle Franstalige partijen hebben voortdurend de mond vol van “democratie” en “respect voor de wet”, maar dat geldt niet voor wetten die het Franstalige imperialisme in de weg staan.

De tussenkomst van Rudi Coel veroorzaakte zichtbare paniek bij de Franstalige verkozenen. Er werd zenuwachtig geschuifeld, angstige blikken werden uitgewisseld en er werd koortsachtig overlegd.

Het mocht allemaal niet baten. Door de tussenkomst van Rudi Coel klonken de interpellaties van Baron del Marmol en Johan Leblicq hol en niet terzake doend. Ze trachtten het gezichtsverlies in deze openbare zitting te beperken. Zo stelde Baron Del Marmol, in wat ongetwijfeld mag beschreven worden als een moment van verlichting (?), de vraag waarom het taalmeldpunt een gmail-e-postadres gebruikte i.p.v. een officieel adres van Overijse. Burgemeester Brancaer legde daarop nogmaals en geamuseerd uit dat het taalmeldpunt een privé-initiatief was maar dat de gemeenteraad volgende maand zou stemmen over de toekenning van een officieel adres. Del Marmol gooide het dan maar over een andere boeg en wilde weten hoeveel gemeentepersoneel zich bezighield met het taalmeldpunt. Enigszins verveeld moest burgemeester Brancaer Del Marmol er weer op wijzen dat het taalmeldpunt dus een privé-initiatief was en draaide op vrijwilligers.

Het hoongelach van de TAK/VVB-militanten werd Del Marmol teveel en hij zweeg uiteindelijk wijselijk.

OCF ...

Maison de la Francité ...