De Standaard wijdt vandaag twee opiniebladzijden aan dit "wondermiddel" voor alle communautaire problemen.

Wondermiddel? Kwakzalverij is dichter bij de waarheid. De federale kieskring is niet meer of niet minder dan BHV in het groot, BHV van de kust tot in de Voerstreek zeg maar. Tenzij dit "wondermiddel" de (verborgen) unitaire dynamiek teweegbrengt die de bedenkers ervan beogen, is die kieskring overigens gedoemd om te mislukken: wie goed wil scoren aan de overkant van de taalgrens, zal slecht scoren langs de eigen kant van de taalgrens. Zo simpel is dat vandaag de dag, met twee mijlenver van elkaar verwijderde publieke opinies. De verdedigers van die kieskring zijn overigens niet altijd even eerlijk in hun voorstelling van de feiten. De PAVIA-groep ziet in een akkoord over de federale kieskring het begin van een communautair akkoord over BHV en de staatshervorming. Droom verder! Patrick Dewael (Open VLD) maakt dan weer een compleet manke vergelijking met andere federale staten waar zo'n systeem ook zou bestaan.

Hieronder twee opiniestukken: eentje van Matthias Storme en eentje van Boudewijn Bouckaert en Piet Deslé.

Matthias Storme: Dewaels bedrieglijke vergelijking
In zijn verdediging van het Pavia-voorstel voor een federale kieskring haalt Patrick Dewael (DS 26 oktober) een argument aan dat kan tellen als wetenschappelijke onzin: 'Want kijken we bijvoorbeeld naar Duitsland, Zwitserland, Canada en de Verenigde Staten van Amerika, dan kunnen we vaststellen dat er bijvoorbeeld een volwaardig Grondwettelijk Hof bestaat, een Senaat samengesteld uit de vertegenwoordigers van de deelstaten en een federale kieskring voor bepaalde verkiezingen, bijvoorbeeld voor de verkiezing van de president. In de Belgische federatie zijn, abstractie makend van een Grondwettelijk Hof, die elementen niet aanwezig. Nochtans zijn het juist die elementen die in federale landen als noodzakelijk voor de stabiliteit van het land beschouwd worden.'

Welnu, in de Verenigde Staten is er helemaal geen federale kieskring, ook niet voor de verkiezing van de president. Die wordt verkozen door de kiesmannen die door de verschillende staten worden verkozen. Zolang Dewael ook geen Belgische president wil laten verkiezen, zijn Amerikaanse presidentsverkiezingen er trouwens met de haren bij gesleurd. Het is trouwens een publiek geheim dat koning Boudewijn zich verzet heeft tegen een federale kieskring omdat hij vreesde dat de monarchie een systeem met nationaal populaire politici en een de facto rechtstreeks verkozen premier niet overleeft.

In Duitsland is er inderdaad een Grondwettelijk Hof, maar geen federale kieskring: de eerste stem bepaalt de rechtstreeks verkozen volksvertegenwoordiger per district (meerderheidsstelsel), de Zweitstimme gaat naar lijsten per deelstaat. De president wordt niet rechtstreeks verkozen. En de Duitse Bundesrat als model voor de Belgische Senaat? Doe maar! In de Bundesrat zitten de minister-presidenten van de deelstaten met een stemkracht in verhouding tot hun bevolking. Dat invoeren in België betekent een Senaat die bestaat uit de minister-presidenten van de gewesten en gemeenschappen, waarbij Kris Peeters op zijn eentje 60 procent van de stemmen heeft. Als dat niet de bedoeling is, stop dan het bedrieglijk verwijzen naar de Duitse Bundesrat.

In Zwitserland is er al evenmin een federale kieskring: alle parlementsleden worden per kanton verkozen. Er is niet alleen geen Grondwettelijk Hof, maar in beginsel zelfs geen grondwettigheidstoetsing door de rechter: die toetsing wordt door het volk zelf uitgeoefend door middel van referenda en volksinitiatieven. De zetels in de Ständerat (Senaat) worden ingevuld door de kantons, in beginsel twee per kanton, maar er zijn veel meer Duitstalige kantons dan Franstalige zodat het opnieuw bedrieglijk is hierin een argument voor een paritaire senaat te zien.

In Canada is er inderdaad een Grondwettelijk Hof, maar de volksvertegenwoordigers worden per district verkozen (meerderheidsstelsel). De leden van het Hogerhuis worden helemaal niet verkozen, maar naar Brits model benoemd door de monarchie op voordracht door de eerste minister, wat moeilijk een democratisch model kan worden genoemd voor België. Bij die benoemingen wordt wel een zekere proportie per deelstaat in acht genomen (maar géén pariteit). Aangezien het een monarchie is, zijn er in Canada ook geen federale presidentsverkiezingen.

Wat verder opvalt, is dat de landen die Dewael aanhaalt allemaal voorbeelden zijn van centripetaal federalisme, federaties die ontstaan zijn uit voorheen onafhankelijke staten, en niet van centrifugaal federalisme, dit is door defederalisering zoals in België. En voor alle duidelijkheid: ook andere centrifugale federaties (Spanje, Verenigd Koninkrijk) kennen geen federale kieskring, behalve Irak...

De waarheid is dat nationale kieskringen of andere nationale verkiezingen juist typisch zijn voor unitaire landen, zoals Nederland, Portugal (president), Polen (president), Slovenië ..... Daarbij wordt dan telkens strikt de hand gehouden aan de gelijkheid van elke stem, aan een ver doorgedreven proportionaliteit. Wat Dewael verzwijgt, is dat het voorstel voor een federale kieskring in België ook op dit punt bedrieglijk is, omdat het aantal Nederlandstalige en Franstalige gekozenen op voorhand zou worden vastgelegd en niet op basis van de uitslag van de verkiezingen.

De waarheid is ook dat er zelfs in die zeldzame gevallen waar de deelstaten in een Senaat evenveel zetels hebben, dit nooit een pariteit inhoudt, omdat het nooit om tweeledige landen gaat. Het is de fundamentele tweeledigheid van het le pays réel die maakt dat België hoogstens nog als confederatie kan overleven, maar niet als federatie.

De waarheid is ten slotte dat aparte Grondwettelijke Hoven in veruit de meeste gevallen zijn ingevoerd na de val van een totalitair of minstens dictatoriaal regime om de jonge democratie te versterken tegen concentratie van politieke macht. België is de uitzondering waar dat Hof inderdaad, zoals Dewael impliciet stelt, is ingevoerd om bescherming te bieden tegen centrifugale krachten, en daarbij de Vlaamse meerderheid neutraliseert. Waarmee ik geen kritiek wil uiten op de wijze waarop het Hof zijn bevoegdheid invult, maar enkel stellen dat het principieel geen gezond systeem is in een echte democratie. Laat ons daarvoor maar wat meer naar Zwitserland kijken, op een correcte wijze natuurlijk en niet op zijn Dewaels.

Boudewijn Bouckaert en Piet Deslé: Het paard van Troje
Het zal geen toeval zijn dat minister van Binnenlandse Zaken Patrick Dewael (Open VLD) vorig weekend zijn pleidooi voor een federale kieskring heeft herhaald. Dat was kort nadat zowel N-VA en CD&V het idee van zo'n kieskring hadden afgewezen. Dat binnen CD&V nationale zwaargewichten als Jean-Luc Dehaene en Herman Van Rompuy het idee van een federale kieskring steunen, had toen niet kunnen beletten dat de partij van Leterme haar kartelpartner is gevolgd. Maar hoe lang nog? Tot het feest van de koning?
Wie voor een federale kieskring pleit, zet een reuzenstap in de geschiedenis terug en haalt voor de Vlamingen het Paard van Troje binnen. Naast de veel geopperde bezwaren tegen een federale kieskring moet gezegd worden dat het voorstel de kar voor het paard spant. De belangrijkste vraag in onze communautaire verhoudingen is de bevoegdheidsverdeling: wat houden we federaal, wat schuiven we door naar de deelstaten. Pas daarna kan gekeken worden of het federale (of confederale) niveau voldoende substantie biedt om er een federale kieskring aan te besteden.

Gelet op de samenstelling van de Pavia-groep, die het idee weer lanceerde, is het vermoeden groot dat de officiële bedoeling, namelijk de democratische efficiëntie te verhogen, niet klopt met de ware, maar verborgen agenda van de groep, namelijk de kieswetgeving manipuleren om de bevoegdheidsverdeling in unitaristische zin te beïnvloeden.

Want het spreekt voor zich dat een federale kieskring het Belgisch 'gevoel' zal opwekken. Zo'n kieskring staat er garant voor dat populaire Franstalige politici tot in Knokke hun stemmen kunnen halen. Daarmee wordt het probleem van Brussel-Halle-Vilvoorde niet opgelost. Meer zelfs, het wordt op nationale schaal uitvergroot. Een federale kieskring, van Aarlen tot Turnhout, holt alle kieswetten en alle verworvenheden van de taalwetgeving uit. Wat zouden de Franstaligen zich dan nog zorgen maken over faciliteiten in de rand van Brussel? De taalgrens verschuift gewoon tot aan de Noordzee en de Nederlandse grens. Natuurlijk zullen enkele Vlaamse politieke tenoren ook kunnen scoren in de Ardennen. Maar wat is de gewone Vlaming daarmee gebaat?

De enige zekerheid die de Vlaming 'in ruil' krijgt is dat er in de Kamer een sterke unitaire vleugel bijkomt, die elke regionalisering van bevoegdheden zal tegenwerken. Het zit ingebakken in het perverse idee van de federale kieskring zelf: wie bijvoorbeeld opkomt voor een meer zelfstandig Vlaanderen, verliest in die 'nationale' poll meteen de helft van zijn kiezerspotentieel. En ofwel blijven die politici hun principes trouw en verliezen ze elke kans, ofwel gaan ze zich unitair profileren… En weg is de zelfstandigheid voor de deelstaten, weg het gezond verstand dat ieder voor eigen wanbeleid moet opdraaien, weg de fiscale autonomie, weg de resoluties van het Vlaamse Parlement.

Het invoeren van een federale kieskring is eigenlijk de natte droom van elke Belgicist, en als die nu verkocht wordt als het 'lepeltje suiker', dat 'de pil' van de splitsing van BHV doet verteren, worden de Vlamingen als nooit voorheen belazerd. Om in de beeldspraak van Bart De Wever te blijven: een lepeltje suiker in een kopje koffie kan smaak geven. Maar een lepeltje suiker in een benzinetank kan een hele machine naar de bliksem helpen. De federale kieskring mag er onschuldig uitzien, het is een paard van Troje. Als de Vlaamse politici in deze list trappen, is het feest uit voor Vlaanderen.

Het is afwachten of CD&V/N-VA aan de lokroep van de macht kan weerstaan. Maar als de 'prijs' voor de splitsing van BHV ook maar eventjes naar een federale kieskring zweemt, weten de Vlaming hoe laat het is.